Ligt of licht gewicht: dit is de juiste spelling en zo onthoud je het

Ligt of licht gewicht: je schrijft "licht gewicht", met ch. Licht betekent hier "niet zwaar" en is een bijvoeglijk naamwoord, en dat woord eindigt altijd op cht. Ligt met een g is iets heel anders: dat is de vorm van het werkwoord liggen die hoort bij hij, zij of het, zoals in "het boek ligt op tafel". Omdat ligt en licht in de uitspraak precies hetzelfde klinken, worden ze geregeld door elkaar gehaald, maar de betekenis bepaalt de spelling. Heb je het over hoe zwaar iets is, dan is het licht: een licht gewicht, een lichte rugzak, een lichtgewicht racefiets. Heb je het over de plek waar iets zich bevindt, dan is het ligt: de rugzak ligt in de gang. "Ligt gewicht" is dus altijd fout, in welke zin dan ook.

Hoe hoor je het verschil tussen ligt en licht?

Dat hoor je niet, en dat is precies het probleem. In het Nederlands worden de g en de ch aan het eind van een woord of lettergreep hetzelfde uitgesproken. Woorden als ligt en licht, of lag en lach, zijn daardoor homofonen: ze klinken identiek maar worden anders geschreven en betekenen iets anders. Je kunt de spelling dus niet afleiden van wat je hoort. Je moet kijken naar wat het woord in de zin doet.

Een praktische manier is de vervangtest. Kun je het woord vervangen door "bevindt zich" of "rust", dan is het het werkwoord ligt. Kun je het vervangen door "niet zwaar" of door "helder", dan is het licht. In de zin "dit pakket heeft een licht gewicht" kun je prima zeggen "dit pakket heeft een niet zwaar gewicht", hoe stroef dat ook klinkt. "Bevindt zich gewicht" slaat nergens op, dus ligt valt af. Wie meer wil weten over dit soort klankregels, kan terecht bij Taaladvies.net, de adviesdienst van de Nederlandse Taalunie.

Waar komt de t in ligt vandaan?

Ligt is opgebouwd uit de stam lig en de uitgang t. De stam vind je door van het hele werkwoord liggen de uitgang -en af te halen en de dubbele g terug te brengen naar één g. Bij de tweede en derde persoon enkelvoud in de tegenwoordige tijd komt er een t achter: jij ligt, hij ligt, het ligt. Zet je jij achter het werkwoord, dan valt de t weer weg: lig jij lekker?

Omdat de g een vast onderdeel van de stam is, kan ligt nooit met ch worden geschreven. De verleden tijd is lag en het voltooid deelwoord gelegen, en ook daar zit nergens een ch. Zie je in de zin dus een vorm van liggen, dan kies je zonder twijfel voor de g. Een overzicht van de regels voor werkwoordspelling vind je op de site van Onze Taal.

Wat betekent licht allemaal?

Licht heeft meerdere betekenissen, maar in alle gevallen schrijf je het met cht. Als bijvoeglijk naamwoord betekent het "niet zwaar" (een lichte koffer), "niet intens" (een lichte verkoudheid, lichte koffie), "helder" (een lichte kamer) of "bleek van kleur" (lichtgroen). Als zelfstandig naamwoord is het de straling waarmee we zien: het licht gaat aan, daglicht, kunstlicht. Er is zelfs een bijwoord licht, zoals in "licht verbaasd".

In de combinatie "licht gewicht" is het een bijvoeglijk naamwoord bij gewicht. Omdat gewicht een het-woord is en er "een" voor staat, krijgt licht geen buigings-e: een licht gewicht. Staat er een bepaald lidwoord voor, dan wel: het lichte gewicht. En bij een de-woord altijd: een lichte tas, de lichte fiets. De officiële spelling van al die vormen kun je nakijken in de woordenlijst op woordenlijst.org.

Schrijf je lichtgewicht aan elkaar of los?

Dat hangt af van wat je bedoelt. Lichtgewicht aan elkaar is een vast woord met een eigen betekenis. In de sport is een lichtgewicht een sporter in een bepaalde gewichtsklasse, bijvoorbeeld bij boksen, judo of roeien. In het dagelijks leven gebruik je lichtgewicht als bijvoeglijk naamwoord voor producten die speciaal ontworpen zijn om weinig te wegen: een lichtgewicht koffer, een lichtgewicht tent, een lichtgewicht laptop.

Licht gewicht in twee woorden beschrijft gewoon een gewicht dat laag is. "Deze stoel heeft een licht gewicht" is correct, al zeg je in de praktijk eerder "deze stoel is licht" of "deze stoel weegt weinig". Beide schrijfwijzen zijn dus goed, afhankelijk van de betekenis. Wat je nooit schrijft is ligtgewicht of ligt gewicht. Meer over de betekenis van lichtgewicht in de sport lees je bijvoorbeeld op Wikipedia.

Welke ezelsbruggetjes maken het makkelijk?

De meeste mensen onthouden het verschil via het Engels. Licht lijkt op het Engelse light, en light betekent net als licht zowel "niet zwaar" als "helder". Zie je light voor je, dan weet je dat het Nederlandse woord op cht eindigt. Voor ligt denk je aan liggen: de g van liggen blijft gewoon staan en er komt een t bij. Nog een manier is de meervoudstest. Bij ligt wordt het meervoud liggen, en daar hoor je de g. Bij licht wordt het lichte, zonder g.

  • Licht = light: niet zwaar of helder, altijd met cht.
  • Ligt = van liggen: stam lig plus t.
  • Vervangtest: "bevindt zich" is ligt, "niet zwaar" is licht.
  • Verleden tijd: ligt wordt lag, licht blijft licht.

Het mooie van deze trucjes is dat je ze ook bij andere g/ch-paren kunt gebruiken, zoals lag en lach of zegt en zecht (die laatste vorm bestaat niet, maar hij duikt wel op). Zodra je gewend bent om even te checken of een woord een werkwoord is of niet, gaat het vanzelf. Wie het nog een keer wil oefenen met voorbeeldzinnen, vindt oefeningen op Beter Spellen. Het antwoord op de vraag ligt of licht gewicht blijft intussen altijd hetzelfde: licht, met cht.